In de Gildekamer

Na de stadsbrand van 1536 werd de Waag op de huidige plaats in gebruik genomen. In eerste instantie was die half zo breed als de huidige Waag. In 1644 werd de Waag uitgebreid met het buurhuis waarbij onder andere de tussenmuur op de begane grond voor een deel werd vervangen door een open houten constructie met een zware vrijstaande kolom of ‘standvink’.

Na de uitbreiding was er plaats voor een nieuwe grote balans. Deze staat er sinds 1647. Niet in het hele pand werd er gewogen. De bovenverdieping werd verhuurd aan particulieren. Het voorste gedeelte van de verdieping werd sedert 1674 gebruikt door het gilde van de goud- en zilversmeden. Het andere gedeelte werd in 1767 in gebruik gegeven aan het Collegium Medico Pharmaceuticum, het apothekers- en artsengilde, waaraan de gevelsteen in de achtergevel, nog steeds herinnert.

Het gilde kwam in financiële problemen toen de Staten van Holland een rechtzaak aanspanden, omdat Delftse goudsmeden een onjuist goudgehalte hanteerden. Het proces duurde jaren, de advocaten waren duur. In 1735 wordt vermeld dat het gilde eindelijk van zijn schulden af was. Pas na 1750 ging het echt beter en konden de drank vloeien.

Dit is slechts één voorbeeld, maar er zijn veel meer dingen binnen het prachtige Waagse pand waar je vragen over zou kunnen hebben. Vragen die bijna altijd leuk zijn om het antwoord van te achterhalen.”



×